De buik: hoe kom je ervanaf?
1 april 2011 -
Er zijn maar een paar redenen dat ik me ’s winters niet in een comfortabel hol terugtrek. Het verlangen ernaar steekt niettemin ieder najaar de kop op. Aan het gebrek aan vetophoping ligt het niet. Die is er voldoende. Dus dat half jaar beer zijn met de beren overleef ik met gemak.
Laat het mijn schamele lichaamsbeharing zijn die me van het onderduiken afhoudt. En mijn fanatisme om mijn conditie op peil te houden. Vandaar dat ik me ’s winters regelmatig op de sportschool vertoon. Maar eigenlijk mag het een wonder heten dat ik überhaupt ergens vrijwillig kom opdraven.
Dat verandert zodra het voorjaar en de zomer zich aandienen. Dit zijn de gelukkige seizoenen, waarin het ongevaarlijk is om kaal te zijn, maar de overdaad aan vet juist extra aangepakt dient te worden. Vandaar dat ik me ook dán met regelmaat bij Medico Vision verschans.
Wel groeit er concurrentie van de typisch seizoensgebonden buitensportactiviteiten. Ik leef me in de warmere maanden uit op varen, zwemmen en roeien. Het liefst alle drie tegelijkertijd. Voeg daar sporadische tennispartijtjes, korte paardritjes en een toevallige teamsport bij en de zorgen om mijn conditiepeil lossen op in het niets. Alleen dat eigenwijze buikje en de diverse rondingen in de onmiddellijke omgeving daarvan, ook wel bekend als zwembandjes, blijven mijn ideaalbeeld van jonge sportheld hinderen. Tuurlijk, mijn leeftijd werkt ook niet mee.
Dan hebben we het nog niet gehad over de aanstichter van dit alles: de zon. Als die dan eindelijk zoveel warmte afstraalt dat ik me er gerieflijk bij voel, is de verleiding van een terrasje welhaast te groot om te negeren. Daar ligt waarschijnlijk ook de verklaring van die plaatselijke uitdijende massa op mijn lichaam. Het kan zo zelden en niks is heerlijker dan een biertje drinken op een willekeurig terras of een wit wijntje op een hondenpoepvrij veldje. Daarvoor moet je meestal naar het buitenland.
Waarmee ik maar wil zeggen dat die belofte van de warme vakantie me dwingt om met hetzelfde sportfanatisme dat ik ’s winters weet op te brengen, de beren op de bovengrondse weg te bestrijden.
Dat verandert zodra het voorjaar en de zomer zich aandienen. Dit zijn de gelukkige seizoenen, waarin het ongevaarlijk is om kaal te zijn, maar de overdaad aan vet juist extra aangepakt dient te worden. Vandaar dat ik me ook dán met regelmaat bij Medico Vision verschans.
Wel groeit er concurrentie van de typisch seizoensgebonden buitensportactiviteiten. Ik leef me in de warmere maanden uit op varen, zwemmen en roeien. Het liefst alle drie tegelijkertijd. Voeg daar sporadische tennispartijtjes, korte paardritjes en een toevallige teamsport bij en de zorgen om mijn conditiepeil lossen op in het niets. Alleen dat eigenwijze buikje en de diverse rondingen in de onmiddellijke omgeving daarvan, ook wel bekend als zwembandjes, blijven mijn ideaalbeeld van jonge sportheld hinderen. Tuurlijk, mijn leeftijd werkt ook niet mee.
Dan hebben we het nog niet gehad over de aanstichter van dit alles: de zon. Als die dan eindelijk zoveel warmte afstraalt dat ik me er gerieflijk bij voel, is de verleiding van een terrasje welhaast te groot om te negeren. Daar ligt waarschijnlijk ook de verklaring van die plaatselijke uitdijende massa op mijn lichaam. Het kan zo zelden en niks is heerlijker dan een biertje drinken op een willekeurig terras of een wit wijntje op een hondenpoepvrij veldje. Daarvoor moet je meestal naar het buitenland.
Waarmee ik maar wil zeggen dat die belofte van de warme vakantie me dwingt om met hetzelfde sportfanatisme dat ik ’s winters weet op te brengen, de beren op de bovengrondse weg te bestrijden.
Een sportieve groet,
